Leerstijlentest – EVV

Leerstijlentest – EVV

Dit is de leerstijlentest die hoort bij de EVV opleiding. Deze bevat 80 stellingen waar je kan aangeven of jij jezelf in de stelling herkend.

  • Als je je herkent in een uitspraak dan klik je op het rondje. Herken je je er niet in dan sla je de uitspraak over.
  • Wees zo eerlijk mogelijk bij het maken van je keuze.
  • Je spontane reactie is vaak de beste reactie.
  • Neem bij het invullen je werksituatie in gedachten.
  • Er zijn geen goede of foute antwoorden.

 

Ontdek jouw leerstijl!

 

1.Ik heb uitgesproken ideeën over wat goed of fout is.
2.Ik ben vaak roekeloos.
3.Ik los problemen liefst stap voor stap op.
4.Ik vind dat formaliteiten mensen beknotten.
5.Ik heb een directe, no-nonsense stijl.
6.Ik vind acties gebaseerd op intuïtie vaak even goed als acties gebaseerd op zorgvuldig overwegen en analyseren.
7.Ik houd van werk waarbij ik de tijd heb om alles uit te pluizen.
8.Ik vraag mensen regelmatig naar hun uitgangspunten.
9.Het belangrijkste is hoe iets in de praktijk uitwerkt.
10.Ik ga actief op zoek naar nieuwe ervaringen.
11.Als ik iets hoor van een nieuw idee of een nieuwe benadering begin ik meteen de toepassing in de praktijk uit te werken.
12.Ik hecht veel belang aan zelfdiscipline zoals vasthouden aan afspraken.
13.Ik stel er eer in iets grondig te doen.
14.Ik kan het best opschieten met logische, analytische mensen en minder goed met spontane, ‘irrationele’ mensen.
15.Ik ga zorgvuldig te werk bij de interpretatie van beschikbare informatie en trek geen overhaaste conclusies.
16.Het liefst neem ik beslissingen na zorgvuldige overweging van veel alternatieven.
17.Ik voel me meer aangetrokken tot nieuwe, ongewone ideeën dan tot praktische ideeën.
18.Ik houd niet van iets dat niet af is en pas het liefst alles in een samenhangd patroon.
19.Ik accepteer en houd me aan vastgestelde procedures zolang ik ze efficiënt vind om een doel te bereiken.
20.Ik breng mijn acties graag in verband met een algemeen principe.
21.In discussies kom ik graag meteen terzake.
22.Ik ben geneigd een zekere afstand te bewaren tot mijn collega’s.
23.Ik vind het een enorme uitdaging iets nieuws en anders aan te pakken.
24.Ik houd van geestige spontane mensen.
25.Ik verdiep me in alle details voordat ik een conclusie trek.
26.Ik vind het moeilijk om te komen met wilde, spontaan opkomende ideeën.
27.Ik verspil niet graag tijd door om de hete brij heen te draaien.
28.Ik pas er voor op overhaaste conclusies te trekken.
29.Ik heb graag zo veel mogelijk informatie. Hoe meer gegevens om over na te denken, hoe liever.
30.Oppervlakkige mensen die alles niet zo serieus nemen, irriteren me.
31.Ik luister eerst naar anderen voor ik mijn mening geef.
32.Ik laat meestal duidelijk merken hoe ik over iets denk.
33.Ik vind het leuk om anderen bezig te zien in een discussie.
34.Ik reageer liever spontaan en flexibel op gebeurtenissen dan alles van te voren te plannen.
35.Ik voel me nogal aangetrokken tot technieken zoals netwerkanalyses, stroomdiagrammen etc.
36.Ik vind het vervelend als ik werk moet afraffelen om een tijdlimiet te halen.
37.Ik beoordeel ideeën op hun praktische waarde.
38.Rustige bedachtzame mensen bezorgen mij vaak een onbehaaglijk gevoel.
39.Mensen die zich hals over kop ergens instorten ergeren mij vaak.
40.Het is belangrijker om van het heden te genieten dan na te denken over het verleden of de toekomst.
41.Volgens mij zijn beslissingen gebaseerd op een grondige analyse van alle informatie beter dan die zijn gebaseerd op intuïtie.
42.Ik neig tot perfectionisme.
43.In discussies draag ik vaak ideeën aan die me ineens te binnen schieten.
44.In besprekingen kom ik met praktische, realistische ideeën.
45.Regels zijn er om overtreden te worden.
46.Ik neem het liefst afstand van een situatie en bekijk de dingen van alle kanten.
47.Ik zie vaak de zwakke punten en inconsequenties in de argumenten die anderen aanvoeren.
48.Over het algemeen praat ik meer dan ik luister.
49.Ik zie vaak betere, meer praktische manieren om iets gedaan te krijgen.
50.Geschreven rapporten moeten volgens mij kort en bondig zijn.
51.Ik vind dat rationeel, logisch denken de overhand moet hebben.
52.Ik weeg zo veel mogelijk alle voor- en nadelen tegen elkaar af voor ik een besluit neem.
53.Ik houd van mensen die met beide benen stevig op de grond staan.
54.Als mensen met niet ter zake doende dingen komen in discussies en afdwalen, word ik ongeduldig.
55.Als ik een rapport moet schrijven maak ik meestal eerst een aantal concepten voor ik een definitieve versie schrijf.
56.Ik probeer graag dingen uit om te zien of ze werken in de praktijk.
57.Ik vind het belangrijk oplossingen te vinden via een logische benadering.
58.Ik vind het leuk de grote prater te zijn.
59.In gesprekken vind ik vaak dat ik de realist ben, die zorgt dat niemand afdwaalt en zich verliest in rozige speculaties.
60.Ik overweeg graag veel alternatieven voordat ik een besluit neem.
61.In gesprekken met mensen vind ik mezelf vaak de meest nuchtere en objectieve.
62.In discussies blijf ik liever op de achtergrond dan dat ik de leiding neem en het hoogste woord voer.
63.Ik vind het fijn lopende zaken te zien in een wijder lange termijn perspectief.
64.Als er iets mis gaat, schud ik het gemakkelijk van me af en beschouw ik het als een extra ervaring.
65.Ik verwerp wilde, spontane ideeën meestal als onpraktisch.
66.Ik denk altijd: ‘Bezint, eer ge begint’.
67.Over het algemeen luister ik meer dan ik praat.
68.Ik ben vaak hard tegen mensen die moeite hebben om problemen logisch te benaderen.
69.Meestel vind ik dat het doel de middelen heiligt.
70.Ik geef er niets om anderen te kwetsen als het werk maar wordt gedaan.
71.Het formele karakter van sommige doelstellingen en plannen benauwt me.
72.Meestal ben ik de ‘spil’ van een gezelschap.
73.Ik doe alles wat nodig is om iets gedaan te krijgen.
74.Methodisch, gedetailleeerd werk verveelt me snel.
75.Ik onderzoek graag de uitgangspunten, principes en theoriën die ten grondslag liggen aan zaken of gebeurtenissen.
76.Ik wil er altijd graag achter komen wat andere mensen denken.
77.Ik heb graag dat vergaderingen ordelijk verlopen en dat er niet wordt afgeweken van de agenda.
78.Ik laat me niet in met subjectieve of omstreden onderwerpen.
79.Ik geniet van drama en opwinding in een crisissituatie.
80.Anderen vinden vaak dat ik geen begrip kan opbrengen voor hun gevoelens.